Drie millenniumdoelen gehaald

Drie millenniumdoelen gehaald: goed of slecht nieuws?

Begin juli 2012 presenteerde de Verenigde Naties het jaarlijkse ‘Millennium Development Goals Report'. In dit rapport staat alles over de voortgang van de millenniumdoelen, acht internationale afspraken om voor 2015 de armoede in de wereld aan te pakken. De acht millenniumdoelen over zaken als armoede, onderwijs, gezondheidszorg zijn onderverdeeld in 21 subdoelstellingen.

Er is reden tot optimisme, want drie belangrijke subdoelstellingen op het gebied van armoede, sloppenwijken en water blijken nu al behaald te zijn. Het is gelukt om de armoede te halveren ten opzichte van 1990, net als het percentage mensen zonder toegang tot schoon drinkwater. Ongeveer 89 procent van de wereldbevolking kan nu gebruik maken van veilig drinkwater. Tot slot zijn de leefomstandigheden van bijna 200 miljoen mensen in sloppenwijken verbeterd, waarmee ook de subdoelstelling om het leven van 100 miljoen sloppenwijkbewoners behaald is. Andere positieve ontwikkelingen zijn de toename van het aantal meisjes dat naar school gaat en successen in de strijd tegen Hiv/aids.

Ondanks dit goede nieuws lopen er ook een aantal doelstellingen flink achter. Zo hebben 2,5 miljard mensen - bijna de helft van de bevolking in ontwikkelingslanden - geen toegang tot goede sanitaire voorzieningen. Dat is mensonterend en vormt een risico voor de gezondheid. Ook de afspraken om moeder- en kindersterfte tegen te gaan liggen niet op schema, net als de aanpak van ongelijkheid tussen mannen en vrouwen.

Volgens de Secretaris Generaal van de Verenigde Naties, Ban Ki-moon, is het mogelijk om alle doelen te behalen. Het stelt dat het succes van de millenniumdoelen echter afhangt van de mate waarin regeringen hun verplichtingen nakomen. Dat geldt vooral voor Millenniumdoel 8, de afspraak dat rijke landen financieel bijdragen aan de ontwikkeling van arme landen. De afspraak is om tenminste 0,7% van het nationaal inkomen te besteden aan ontwikkelingshulp. Nederland is een van de weinige landen die zich hier aan houdt; tot nu toe besteden de Westerse landen gemiddeld 0,31% van hun BNP aan ontwikkelingshulp.