Dossier WRR-rapport 'Minder pretentie, meer ambitie'
Op 18 januari werd het langverwachte rapport ‘Minder pretentie, meer ambitie’ van de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid (WRR) door Peter van Lieshout aangeboden aan minister Koenders. In het rapport wordt het Nederlandse ontwikkelingsbeleid kritisch onder de loep genomen en wordt een aantal aanbevelingen voor verbetering gedaan. Naar verwachting zal de regering later dit jaar met een uitgebreide reactie komen.
In dit dossier is onder meer een overzicht van en links naar de belangrijkste reacties van politieke partijen, ontwikkelingsorganisaties en andere betrokkenen op het rapport te vinden.
Wat zijn de belangrijkste punten uit het rapport?
Volgens de WRR zou de ontwikkelingshulp professioneler georganiseerd moeten worden en daarmee meer verschil maken. Ook moet hulp meer bijdragen aan het zelfredzaam maken van landen en individuen en duidelijker gericht zijn op ontwikkeling. Op dit moment is het doel van de meeste hulp het verbeteren van levensomstandigheden. Dat biedt veel mensen op korte termijn wel verlichting, maar te weinig mogelijkheden om op lange termijn zelfstandig in hun bestaan te voorzien. In het verleden is teveel aandacht gegaan naar onderwijs- en gezondheidssectoren en te weinig naar productieve sectoren als landbouw en infrastructuur.
Ook dient het ontwikkelingsbeleid in de ogen van de WRR zich niet te beperken tot klassieke hulp, maar zich duidelijker te richten op grote mondiale vragen. In een wereld waarin kwesties zoals veiligheid, migratie en klimaat steeds meer om een mondiaal antwoord vragen, is het helpen van landen die achterblijven ook steeds meer in ons eigen belang.
Een belangrijke les die we volgens de WRR uit 60 jaar ontwikkelingshulp moeten trekken, is dat we bescheiden moeten zijn. Ontwikkeling is maar in zeer beperkte mate afhankelijk van ontwikkelingshulp. Buitenlandse investeringen en remittances (het geld dat migranten naar huis terugzenden) zijn voor de meeste ontwikkelingslanden grotere geldstromen dan hulp.
NLAIDOm de effectiviteit van hulp te vergroten, moet de Nederlandse overheid zich volgens de WRR concentreren op tien landen (in plaats van de huidige veertig) en daarmee een langdurig samenwerkingsverband aangaan. Daarbij dient Nederland zich te richten op onderwerpen waar het internationaal gezien in uitblinkt en toegevoegde waarde heeft, zoals landbouw en water.
Dat vereist volgens de WRR een aparte organisatie naar het voorbeeld van de Amerikaanse USAID of het Britse UKAID, die bijvoorbeeld NLAID zou kunnen heten. Nu is het nog zo dat de ontwikkelingssamenwerking voor een groot deel verloopt via de Nederlandse ambassades. In de nieuwe ontwikkelingsorganisatie zouden de hulpactiviteiten niet langer behoren tot het takenpakket van roulerende diplomaten maar door vakdeskundigen worden verricht.
0,7 procent?Nederland houdt zich al lange tijd aan de internationale afspraak om tenminste 0,7 procent van het BNP vrij te houden voor ontwikkelingssamenwerking. De politieke partijen verschillen hierover van mening (zie ook de rubrieken
Standpunten politieke partijen en
Wat geeft Nederland elders op deze site).
De WRR stelt vraagtekens bij de norm, die misschien wel past bij een geďsoleerd stelsel van ontwikkelingshulp maar niet meer bij de huidige steeds interdependenter wordende wereld. Het percentage kan volgens de WRR beter worden vervangen door een getal waarin ook tot uitdrukking komt wat Nederland doet op andere terreinen die ontwikkelingsrelevant zijn zoals handel, veiligheid en klimaat.
- Reacties politieke partijen
De politieke partijen reageren wisselend op het WRR-rapport. CDA-Kamerlid Kathleen Ferrier ziet er interessante aanknopingspunten in. Zo onderschrijft ze de conclusie van het rapport dat er minder fixatie moet zijn op een vast percentage voor ontwikkelingssamenwerking. Maar het CDA is het niet eens met de bewering dat inzet op onderwijs en volksgezondheid niet effectief is.
PvdA-Kamerlid Harm-Evert Waalkens is voorzichtiger en ziet het als een waardevolle bijdrage aan het debat over ontwikkelingshulp. Voor Waalkens staat de 0,7 procent wel vast, omdat de hulp overeind moet blijven en er geen sprake van kan zijn om het kalmer aan te doen. Maar ook staat bij hem voorop dat hulp werkelijk moet helpen, zo is te lezen in De Telegraaf.
Oppositiepartij VVD vindt de eigen mening bevestigd dat hulp niet leidt tot economische groei. Het is goed dat het heilige huisje van 0,7% ook door de WRR omver wordt geworpen en het is terecht dat er grote vraagtekens worden gezet bij de relatie tussen traditionele hulp en economische ontwikkeling, aldus VVD-Tweede Kamerlid Han ten Broeke op de VVD-website.
GroenLinks is eveneens blij met het rapport. Het rekent volgens Tweede Kamerlid Kees Vendrik op gedegen wijze af met de ongefundeerde en vaak gemakzuchtige kritiek op ontwikkelingshulp. Zie meer hierover op de website van GroenLinks.
Ook woordvoerder Ewout Irrgang van de SP kan zich vinden in de aanbevelingen van de WRR, en meent dat Arend Jan Boekestijn en andere critici het rapport misbruiken. Volgens Irrgang staat nergens in het rapport dat hulp nutteloos is of dat de norm van 0,7 % van het BNP verlaagd moet worden.
- Reactie ngo's
Verschillende Nederlandse ontwikkelingsorganisaties hebben gereageerd op de uitkomsten van het WRR-rapport:
- Debatten
- zondag 24 januari: Volkskrant op Zondag (Rode Hoed). Debat met Peter van Lieshout, Arend Jan Boekestijn, Farah Karimi en Wiet Janssen. Lees het verslag van deze bijeenkomst op The Broker.
- maandag 26 januari: Bijeenkomst PSO rond het WRR-rapport (Hotel Crown Plaza, Den Haag) Met PSO-leden internationale adviesraad en Peter van Lieshout.
- dinsdag 2 februari: Debate on presentation WRR report (ISS, Den Haag) met worldconnector Louk de la Rive Box en Peter van Lieshout. Lees het verslag op The Broker.
- woensdag 10 februari: NCDO-debat 'Hulp op de helling: wat vinden ze er daar van?' (Pakhuis de Zwijger, Amsterdam). Met verschillende leden van VoiceOver, Peter van Lieshout, Monique Kremer, Bram van Ojik en Ton Dietz. Lees het verslag dat Koen Kusters (DPRN) maakte van de bijeenkomst en zie ook het verslag op Viceversa en op OneWorld.
- maandag 15 februari: debat 'Toekomst van ontwikkelingssamenwerking' in Lux Nijmegen, georganiseerd door Nijmeegs Sociaal Forum. Met Peter van Lieshout, Jack van Ham, Sara Kinsbergen, Marc Broere en Harm-Evert Waalkens. Lees het verslag op ViceVersa.
- dinsdag 16 februari: Round table van de worldconnectors over het WRR-rapport (besloten bijeenkomst met worldconnectors, bestuursleden van SID en DPRN, Ellen Lammers en Frans Bieckman van The Broker, en Peter van Lieshout, Monique Kremer en Robert Went van de WRR. Lees het verslag op Worldconnectors.nl.
- donderdag 18 februari: Bijeenkomst 'Ontwikkelingshulp: minder pretentie, meer ambitie' in sociëteit De Harmonie (Tilburg), georganiseerd door het Wereldpodium. Met Monique Kremer (WRR); Josh Maiyo (Voice Over); Gon Mevis (Gemeente Tilburg) en Sara Kinsbergen (CIDIN). Lees het verslag op Wereldpodium.nu.
- donderdag 4 maart: Development debate @ ISS. (ISS, Kortenaerkade 12, Den Haag). Met Roger Riddell.
- vrijdag 12 maart: Development debate @ ISS. (ISS, Kortenaerkade 12, Den Haag). Met Jan Vandenmoortele (voormalig UNICEF).
- dinsdag 23 maart: Development debate @ ISS. (ISS, Kortenaerkade 12, Den Haag). Met Arend Jan Boekestijn.
- dinsdag 23 maart: A future for aid money? Development cooperation in European perspective. Maastricht debates. Met Peter van Lieshout, Paul Engel (Director ECDPM) en Brave R. Ndisale, Ambassador of the Republic of Malawi to the EU.